maandag 21 mei 2012

Papaver

Parkinson heeft me veel gekost. Mijn baan, een deel van mijn inkomen en een stukje levensgenot. Het is een slag, juist een tegenslag. Ik leef met beperkingen en met medicijnen. Toch heeft het ook wat opgeleverd. Niet dat ik nou blij met de diagnose, maar ik kan er weinig aan veranderen.

Een belangrijke verandering in mijn leven is dat ik ben gaan schrijven, en niet zo’n beetje ook. Dit blog is er een voorbeeld van. Ik schrijf over de ziekte op dit blog. Via dit blog ben ik in het Parkinsonwereldje opgevallen en ben ik gevraagd mee te werken aan Papaver, het blad van de Parkinsonvereniging. Eigenlijk is daarmee een oude droom in vervulling gekomen. Ik had altijd graag journalist willen worden. Die ambitie kan ik nu kwijt bij Papaver. Ik maak interviews, artikelen en bespreek boeken. Ook werk ik mee binnen de redactie aan de ontwikkeling van het blad. Door dit ‘werk’ heb ik weer ‘collega’s’. Niet dat ik ze vaak zie, maar toch, een gevoel van ergens bij horen is er weer.

Mijn motivatie om aan Papaver mee te werken is niet alleen omdat ik iets te doen moest hebben wat voldoening gaf. Ik doe het ook om iets te betekenen voor lotgenoten en hun naasten. Als ik iets van mijn ervaringen met hen mag delen, doe ik dat graag. Ik krijg regelmatig reacties van lezers die zich herkennen of die de ziekte nu beter begrijpen. Als ik dat kan bereiken met mijn schrijfsels, mag ik tevreden zijn.

zondag 20 mei 2012

New York 3

Ook in Amerika probeerde mijn Parkinson mij het plezier van een stedentrip tegen te werken. Gelukkig was ik mijn ziekte te snel af. Van te voren had ik met mijn vrouw afgesproken dat ik af en toe niet mee zou doen in het programma. Nou ja, programma, onze planning hadden wij in grote lijnen gemaakt, maar we hebben geleerd flexibel te zijn in onze uitvoering.

De meeste uitstapjes heb ik gewoon meegemaakt. Ik heb gefietst met vrouw en kinderen door het Central Park. Ik heb het Vrijheidsbeeld en Ellisisland bezocht. Ik heb langs Ground Zero en over Wallstreet gelopen. Ik heb in China Town en Little Italy rondgezworven. Times Square en Fifth Avenue heb ik te voet gedaan. Op het Rockefeller Centre heb ik genoten van het uitzicht. Kortom, ik heb gewoon meegedaan.

De momenten dat ik mijn vrouw en kinderen alleen liet gaan, waren in de minderheid. Ik trok me terug op onze kamer waar een super kingsize bed mijn rustpauze volmaakt maakte. Of ik ging in een parkje zitten. Of ik dronk een Cafe Latte bij de Starbucks. Of ik ging in de Public Library zitten en schreef mijn verhalen op.

Ik geef toe, na drie dagen was ik bekaf. Mijn benen voelden zwaar en mijn rug stond onder grote druk. Maar mijn hoofd was licht en ik had energie gekregen van de Big Apple. Ik genoot van de enthousiaste verhalen van mijn kinderen, die de Apple-store leegkochten of hun kleding- en schoenenvoorraad aanvulde in de Flagstores van Manhattan. Ik kreeg een kick om mijn vrouw te zien genieten als ze vertelde hoe indrukwekkend de stad was en wat voor mooie wijkjes ze buiten de toeristencentra had bewonderd. Het was dus de moeite waard, de energie die het kostte heb ik dubbel terug gekregen.

Ik ben blij dat ik het gedaan heb.

woensdag 16 mei 2012

New York 2

De reis verliep soepel. Ik was in een staat van volledige acceptatie gedoken. Ik had me voorgenomen om me nergens over op te winden. In de auto op weg naar Schiphol lukte het me niet mee te rijden. Natuurlijk wel letterlijk, maar niet figuurlijk (meeremmen en voortdurend reageren op het verkeer). Ik liet mijn vrouw lekker rijden, gaf snoepjes door aan de achterbank, voorzag mijn vrouw van broodjes en leidde mezelf af door wat te lezen en te schrijven. De parkeerplaats (langparkeren) boezemde mij in het verleden angst in. Komt het wel goed met de reservering, rijdt er inderdaad een pendelbusje naar Schiphol, komen we wel op tijd? Al die vragen legde ik naast me neer. Volledig ontspannen stapte ik in en we hobbelden tussen snelweg en landingsbaan naar de vertrekhal. En ook daar ging het van een leien dakje. Het inchecken verliep zonder problemen, ik heb niet eens gedacht aan een te zware koffer of een verkeerd ticket. Fluitend liep ik langs de douane. Ook de lange wachttijd die we moesten volmaken in het winkelwachtgebied van onze nationale luchthaven onderging ik zonder paniek. Ik lachte om de idiote bedragen die er voor een koffie of een cola gevraagd werden en ik amuseerde me met het bekijken van de mensen in de hal. Het boarden duurde wat lang en de controle die eraan vooraf ging vond ik wat overdreven. Maar, opnieuw manmoedig, legde ik mijn geld, riem, horloge en andere te scannen voorwerpen in het zwarte bakje en liet mij dood gemoederd scannen in het röntgenapparaat. Op mijn gemakje liep ik de slurf door naar het vliegtuig. De stoel met extra beenruimte vond ik zonder problemen. Ik had me voorgenomen lekker ontspannen te gaan zitten en pas in New York er weer uit te komen. Aldus geschiedde. Ik las wat, keek wat tv, schreef wat aantekeningen op, probeerde een dutje te doen, kletste wat met de kinderen en kreeg af en toe van de stewardess wat te eten en te drinken.

En zo landde we in New York.

We touched ground on JFK, de reis kon beginnen.

Oeps.

Barse douane-beambten, lange wachtrij, vermoeidheid speelt op, ik wankel. We zijn al bijna tien uur onderweg, ik ben aan het eind van mijn latijn. Maar ik laat het niet gebeuren. Ik zal niet uitvallen tegen de arrogante kauwgomkauwende uniformdrager achter het loket, die vingerafdrukken verzameld van ons en ons in de irisreader laat kijken. Het stempel belandt zonder problemen in het paspoort, de koffers staan al op de band, het is gelukt. Ik loop achter vrouw en kinderen aan richting de taxi-wachtplaats en zucht opgelucht als ik in de Yellow Cab voorin mag zitten naast de van oorsprong Hongaarse chauffeur, die ons naar het hotel zal brengen. Hij heet ons welkom in de Big Apple, vertelt honderduit over zijn stad, en brengt ons inderdaad binnen het uur van JFK naar 57th street. In het hotel is onze kamer klaar voor gebruik. Ik kies het grootste kingsize bed uit en laat me achterover vallen. Ik ben aangekomen. Eerst een dutje.

maandag 14 mei 2012

Reizen met Parkinson

Reizen met Parkinson is een heel gedoe. Wat doe je als je de wens hebt een bijzondere reis te maken en je hebt Parkinson? Dan heb je een probleem. Kun je het aan? Is het niet te belastend? Kortom genoeg bedenkingen. Ik dacht in onmogelijkheden. Maar gelukkig heb ik een vrouw die in oplossingen denkt. Ze maakte een plan om naar New York te gaan met de kinderen, en met mij.

De reisgidsjes stapelden zich op in onze huiskamer. Zij verslond ze, pikte de highlights eruit en maakte een programma. Wolkenkrabbers, Wallstreet, Broadway, Ellis Island, fietsen in Central Park en Brooklyn, we gingen het allemaal zien en doen. Ik bladerde af en toe in de boekjes, maar durfde niet te geloven dat ik dit ging mee maken. Ik merkte dat ik er nog niet in geloofde. Ik stelde mijn voorbereidingen uit en uit. Ondertussen had mijn vrouw met haar reisadviseuse een hotel weten te boeken dat Parkinsonproof was. Gelegen tegen Central Park aan, ruim en rustig en met goede verbindingen in alle richtingen. Het plan was dat ik als het te vermoeiend werd makkelijk kon terugkeren naar onze kamer.

We boekten in de winter, de meivakantie was nog ver weg. De betaling deed ik met ogen dicht. Ik kon nog steeds niet geloven dat ik het echt ging doen. Om ons heen reageerde iedereen enthousiast. ‘Gaaf, die stad!’en ‘Fantastisch om de dynamiek van de Big Apple te ervaren.’ Iedereen die we spraken roemde ons idee om het te doen. Knap hoor om dat te doen ondanks de ziekte Ja, knikte ik, dapper hè? Ik begon er in te geloven. Pas toen we onze tickets hadden en we online ruimere plaatsen konden reserveren, zodat ik beenruimte had en makkelijker kon verzitten, zag ik het langzaam gebeuren.

Een week van te voren wisselde ik euro’s om voor dollars en in het krappe kantoor van de GWK op het station durfde ik voor het eerst te denken dat ik er zin in had. Bij de apotheek haalde ik extra medicijnen op en vroeg om een medicijnenpaspoort. ‘Waar gaat de reis naar toe?’ vroeg mijn apotheker. Ook zij reageerde vol enthousiasme. ‘Ja, Amerika, dan kun je maar beter een document hebben om aan de douane te laten zien wat voor medicijnen je hebt, ze verdenken je zo van drugssmokkel.’ Opgelucht dat ik het goed had geregeld kwam ik thuis. De nieuwe koffer stond in de gang. Ik pakte het handvat vast en voelde dat ik er nu echt zin in had.

De lijstjes ‘Things to Do’ lagen in de keuken en werden steeds langer. Natuurlijk deed mijn vrouw, als Parkinsonmantelzorgster in excellentie, het meeste werk, maar in die week voor vertrek begon ik ook los te komen. Ik wist dat ze alles goed geregeld had. Ik moest maar een ding doen, rustig meegaan. Ik moest over mijn schaduw heen springen en just go with the flow. En dat deed ik.

Wordt vervolgd

vrijdag 20 april 2012

Boschrijft de site www.boschrijft.nl

Al langere tijd liep ik rond met het idee een site te maken voor de verzameling van mijn verspreide schrijfsels. Het adres is bekend: www.boschtrijft.nl 

Op www.boschrijft.nl plaats ik mijn verhalen, journalistieke werk en mijn blogberichten.

Ga kijken op www.boschrijft.nl

dinsdag 17 april 2012

Reacties op mijn speech op Parkinsonsymposium

Mijn speech heeft heel wat losgemaakt bij bezoekers van het symposium. Ik heb diverse mails gekregen over mijn woorden. Ik ben onder de indruk en geroerd te lezen dat de verwoording van mijn ervaringen voor mijn publiek veel betekent. Het is toch fantastisch dat iemand zich eindelijk begrepen voelt? Of dan een partner eindelijk kan uitleggen hoe hij zich voelt? Ik lees het graag, het geeft veel voldoening.

Een reactie wil ik mijn lezers hier niet onthouden. Eunike Staakman, schrijfster van het boek 'Parkin'zonnetje in huis', (ISBN 978 90 818629 0 5). reageerde op mijn verhaal. In onderstaande link kunt u het verhaal van haar lezen.

Eunike Staakman impressie, klik hier

maandag 16 april 2012

Reacties op mijn speech

Zaterdag hield ik een speech op het symposium van de Parkinsonvereniging. Meteen na afloop kreeg ik uit het publiek reacties. Omdat ik in mijn verhaal enkele voorbeelden genoemd had over het autorijden, reageerden enkele bezoekers op het niet langer kunnen en mogen autorijden. De abrupte beëindiging van de rijbevoegdheid zit bij sommigen hoog.

In de pauze kwam ik bijna niet aan mijn lunch toe. Persoonlijk bedankten mensen mij voor mijn verhaal. Men vond het mooi, dapper, herkenbaar en duidelijk. Kortom de moeite waard. Sommigen hielden het kort, anderen namen de tijd en begonnen een gesprek(je). Omdat ik aangekondigd was als redacteur van het patiëntenblad Papaver, kreeg ik ook vragen over het blad. Ik heb de opmerkingen genoteerd en ga ze bespreken.

Ondertussen piepte mijn smartphone regelmatig. Via sms kwamen vragen hoe het gegaan was. Op Facebook had ik mijn status bijgehouden, en daar kreeg ik op mijn mobiel reacties op. 's Avonds plaatste ik mijn speech en ervaringen op het blog. Enkele mensen namen de moeite om hun opmerkingen te plaatsen.
Ik heb gemerkt dat mijn bijdrage van waarde is geweest voor mensen. Het is motiverend om door te gaan met het beschrijven van mijn ervaringen.

zondag 15 april 2012

Nee-zeggen kan altijd nog, speech symposium Wereld Parkinson Dag 2012

 

Hieronder is de tekst opgenomen zoals ik die heb uitgesproken op het symposium van de Parkinsonvereniging op 14 april 2012.

Nee zeggen kan altijd nog

Inleiding symposium Wereld Parkinson Dag 2012, 14 april 2012 Albert-Jan Bosch

Ik had nee moeten zeggen toen het idee om op dit symposium te spreken, werd geboren. Het idee was om als Parkinson-patiënt te vertellen welke niet-motorische belemmeringen je tegenkomt in je leven. Een verhaal uit het dagelijks leven van een patiënt naast de bijdragen die zorgverleners en onderzoekers vandaag presenteren. Het mag op zo’n dag niet alleen óver parkinsonpatiënten gaan, de patiënt moet ook zelf aan het woord komen.

De vraag of ik dit wilde doen, was nog niet gesteld of ik had al ja gezegd. Ik had natuurlijk nee moeten zeggen. Of in ieder geval bedenktijd moeten vragen. ‘Weet je het zeker dat je het doet?’ werd mij gevraagd. Opnieuw had ik nee moeten zeggen, maar ik zei: ‘Geen enkel probleem.’ Ik zag mezelf al staan: mooi pak, flitsende PowerPoint en dan puntig en snedig vertellen hoe Parkinson mij cognitief in de luren had weten te leggen. In mijn hoofd klaterde het applaus en hoorde ik het gelach om mijn raak getypeerde voorbeelden en onderkoeld uitgesproken understatements.

Ik had nee moeten zeggen……

Lees meer: Hier staat de complete tekst van de speech.

zaterdag 14 april 2012

Mijn speech op Parkinsonsymposium

Ben net terug uit Amsterdam waar ik op het symposium van de Parkinsonvereniging gesproken heb over niet-motorische beperkingen. Ik heb verteld over mijn ervaringen die ik ondervind. Ik zal binnenkort de speech hier plaatsen.

Het was spannend om te doen. Voor 550 mensen spreken had ik nog niet ervaren. De eerste woorden kwamen er wat gespannen uit, maar na tien zinnen had ik mijn ademhaling onder controle en sprak ik rustig. Ik heb me aan mijn vastgestelde tekst gehouden. Heel soms durfde ik iets toe te voegen. Het publiek luisterde geboeid, moest af en toe lachen en het applaus was heerlijk. De dagvoorzitter, Teus van Laar, becomplimenteerde me. Ik had, volgens hem, goed geobserveerd en treffend beschreven wat de essentie van de beperkingen zijn. De andere twee sprekers pasten qua inhoud naadloos bij mijn verhaal. Zo werd het ochtendprogramma een prima geheel.


In de pauzes spraken diverse mensen mij aan. Ik kreeg te horen dat ik hen geroerd had, dat ik goed had verwoord wat ze zelf mee hadden gemaakt, en dat het herkenbaar was. Heerlijke reacties. Ik glom van trots, ik ben blij dat ik het gedaan heb, al was het vermoeiend.

Het heeft mij geïnspireerd om meer te schrijven over mijn ervaring met de ziekte. Ik ga met dit blog door en hoop meer mensen te bereiken. In de komende dagen zal ik meer vertellen over het symposium en ga ik in op wat andere sprekers hebben verteld. Vooral het verhaal van prof. Scherder wil ik graag doorvertellen.

donderdag 12 april 2012

Spreken op het symposium van de Parkinsonvereniging

 

Aanstaande zaterdag ga ik spreken op het symposium van de Parkinsonvereniging. Het onderwerp is ‘De verborgen kant van Parkinson’. Niet-motorische gevolgen van de ziekte worden op die dag besproken. Het kan bijvoorbeeld gaan over slaapproblemen, vermoeidheid, concentratieverlies of depressies. In het programma staan onderzoekers en zorgverleners als sprekers. Ik verzorg de inleiding vanuit het perspectief van de patiënt. De titel van mijn speech luidt: ‘Ik had nee moeten zeggen’. Ik beschrijf welke problemen ik ondervind van de ziekte als ik bijvoorbeeld in de auto rijdt of aan tafel met mijn gezin zit. Ik besteed aandacht aan de niet zichtbare kant van Parkinson. Hoe komt geluid bij mij binnen, hoe organiseer ik mijn uitstapjes of hoe ga ik om met vermoeidheid? Het is niet zichtbaar voor anderen, zoals het trillen of de stijfheid, maar het is wel van invloed op je leven. Logisch eigenlijk. In de toespraak vertel ik welke oplossingen ik bedenk om toch te kunnen blijven functioneren in het dagelijks leven.

Het symposium is in Amsterdam. Na afloop zal ik mijn ervaringen op papier zetten.

Klik hieronder voor het:

Programma Symposium

vrijdag 10 februari 2012

Roman Parkinson

Ik heb het plan opgevat om vanuit mijn ervaringen met de ziekte van Parkinson een boek te maken. Natuurlijk heb ik op dit blog al heel wat genoteerd hierover. Maar voor wat het met je doet, je gevoel, dat laat ik hier nauwelijks zien. Zo kwam ik op het idee om dit te vatten in een fictief verhaal, deels gebaseerd op mijn ervaringen. ik wil in het boek laten zien hoe je leven overhoop komt te liggen door de ziekte. De worsteling die de verandering met zich mee brengt, zal centraal staan. Ook vertel ik over de beperkingen en de aanpak ervan. Ik heb eerst een opzet gemaakt en ben nu aan het schrijven geslagen. Het vordert aardig. Ik heb nu al zo'n veertig bladzijden geschreven en de flow is er nog steeds. Binnenkort meer over mijn roman-project. Werktitel: Een beperkt leven.

donderdag 26 januari 2012

Reacties lezers Blog Parkinson

Het schrijven van dit weblog is een project dat vanaf september 2010 loopt. Ik heb mij voorgenomen om de ontwikkeling van mijn ziekte bij te houden. Belangrijkste reden was voor mij het onthouden van het verloop. Maar ook een verhaal vertellen voor andere patiënten en hun omstanders. Het was mij opgevallen dat ik weinig persoonlijke verhalen kon vinden met inhoud. Het klinkt pretentieus, maar ik was (en ben) ervan overtuigd dat ik dat wel kon. Het blog moest dus vastleggen en doorgeven.

Ik heb de emotie proberen te vermijden. Dat stond mij namelijk tegen in wat ik tegenkwam op het net, en wat ik in publicaties las. Ik respecteer iedereen die op zijn eigen manier (verhalend of dichtend) zijn ziekte verwerkt, maar het is niet mijn stijl. Het leverde een wat zakelijke, informatieve blog-inhoud op.

Wat het ook opleverde waren contacten. Via het blog heb ik mensen leren kennen met wie ik nu samenwerk. Het leidde ertoe dat ik stukken ging schrijven voor Papaver, het blad van de patiëntenvereniging. Via die ingang kwam ik op interessante onderwerpen als hersendonatie, de hersenbank en een short-stay-afdeling voor Parkinson-patiënten. Het schrijven en het journalistieke handwerk leerde ik gaande weg.

Het blog gaf ook reacties van lezers. Natuurlijk van mensen die ik al kende, familie, buren en vrienden. Af en toe lieten zij iets achter op het prikbord. Het waren kreten in de categorie ‘interessant’, ‘boeiend’ en ‘dapper’. Fijn om te lezen, maar echt ontroerd ben ik geraakt door de reacties van onbekenden. Ik vind het fantastisch om te lezen dat een puber door het lezen van de berichten de ziekte van zijn vader nu beter begrijpt. Ik krijg kippenvel als iemand die net de diagnose heeft gekregen zegt veel te herkennen in mijn verhaal en er steun aan heeft gehad. Dat maakt het de moeite waard.

Het blog is niet mijn dagelijkse bezigheid. Toch wil ik het voortzetten. Zolang er nog mensen zijn die mij melden dat ze er iets aan hebben gehad ga ik door. Bovendien was het mijn bedoeling om mijn ziekteproces te beschrijven, en gezien het feit de ziekte progressief en chronisch is, valt er in de komende jaren nog genoeg te noteren.

Ik blog dus voort over hoe Parkinson mijn leven overhoop gooit en op welke wijze ik daarop reageer. De reacties van de lezers blijven ondertussen welkom.

woensdag 7 december 2011

Laptop met spraakherkenning

Leven met parkinson is leren leven met beperkingen. Dat is soms confronterend. Je kunt immers iets niet meer. Toch kan het ook interessant zijn om om te gaan met beperkingen. Een beperking die ik ervaar is het gebruik van mijn toetsenbord. Ik maak veel tikfouten, dubbele of verkeerde letters moet ik voortdurend corrigeren. Via een ergo-therapeut kwam ik in contact met een specialist op het gebied van computeraanpassingen.

Afgelopen maandag kwam hij langs. Drie grote koffers met materiaal droeg hij mijn woning binnen. Verschillende soorten toetsenborden, aparte muizen en softwarepakketten. Uiteindelijk ging het om spraakherkeningsprogramma. Ik kreeg een uitleg en kon het programma kort proberen. Met een headset plus microfoon kreeg ik de opdracht een paar teksten van het scherm voor te lezen. De software sloeg mijn spreeksnelheid en toon van mijn stem op. Ik bleek een stem van goede kwaliteit te hebben.

Vervolgens kon ik een tekst voorlezen die op het scherm verscheen. Bijna foutloos stond de tekst in de computer. Een woord als ‘fundament’ werd ‘rudiment’ en een woord dat aan elkaar vast geschreven moest worden, stond los. Als je dit corrigeerde, sloeg het programma automatisch de juiste uitspraak op. Ten slotte moest ik uit mijn hoofd een nieuwe tekst maken. Normaal typ je een zin, die je met horten en stoten, met veel doorhalingen en opnieuw beginnen, schrijft. Met de spraakherkenning moest ik de zin eigenlijk van te voren hebben gemaakt in mijn hoofd en dan uitspreken. Ik ben benieuwd hoe het schrijven dan zal verlopen.

Wat ik heel leuk vond aan het programma waren de commando’s. ‘Word wakker’ betekent dat de microfoon aangaat en ‘ga slapen’ is uitschakelen. Punt, komma en nieuwe alinea roep je als je die wilt hebben en ze verschijnen. Ook bijzonder is het commando ‘selecteer’ en je noemt een woord dat dan geblokt wordt. ‘Maak vet selectie’ en je hebt een vetgedrukt woord. Zo is er een lijst van commando’s. Als je wilt kun je ook overschakelen op je gewone toetsenbord.

Ik reageerde positief op de aanpassing. Niet leuk dat mijn vingers het toetsenbord niet langer goed kunnen bedienen. Maar geweldig om te zien hoe creatieve technici dingen bedenken om dan toch te kunnen blijven typen. In plaats van schrijven op de laptop, ga ik straks teksten dicteren. Ben alleen benieuwd hoe het schrijven in de trein dan zal verlopen. De stiltecoupe moet ik voorlopig maar mijden.

woensdag 26 oktober 2011

Bas Bloem zorgheld 2011

Bas Bloem, hoogleraar neurologie uit Nijmegen is verkozen tot zorgheld 2011. Hij is initiatiefnemer van het ParkinsonCentrum (een samenballing van (para-)medische Parkinson zorg in Nijmegen), MijnZOrgnet (digitale ontmoetingsplek zorgverleners en patiënten met Parkinson) en ParkinsonNet (regionaal netwerkstructuur van diverse Parkinson zorgverleners). De prijs is beschikbaar gesteld door het ministerie van VWS. In een reactie op het winnen van de prijs, laat Bloem weten dat hij nu graag een gesprek wil met minister Schipper van VWS. Op zijn twitteraccount stelt Bloem dat hij met de bewindsvrouw wil praten over het uitrollen van zijn zorgconcepten.

Bloem is een neuroloog die in de zorg met zijn initiatieven aan een stille revolutie, van binnenuit werkt. Hij neemt het op tegen logge zorgconglomeraten. De zorg moet om de patiënt heen georganiseerd worden. Zijn concepten, bekend onder de term Zorg2.0, die hij heeft ontwikkeld binnen de Parkinsonwereld kunnen van grote waarde zijn voor andere disciplines. De minister krijgt met deze zorgheld in huis een prachtige kans om vastgelopen structuren open te breken. Het gewenste gesprek is hiervan een eerste stap.

zaterdag 8 oktober 2011

Keep on running 8, startnummer 11193

Wat voor weer wordt het morgen? Gaat het tijdens de Vier Mijl regen? Hoe staat de wind? Wat is de temperatuur? Een ding staat vast: een stralende herfstdag wordt het niet. Regenkans 80%, windkracht 4 en maximaal 16 graden. Mooi loopweer, zuurstofrijk en helemaal lekker: wind in de rug.

Ik keek gisteren op TV-Noord naar een voorbeschouwing van de loop. De beelden van snelle Kenianen die in ruim zeventien minuten op de Vismarkt staan en van de ploeterende amateurs die zich een weg baanden over de Hereweg rolden over het scherm. De jaarlijkse processie van zweet en doorzettingsvermogen komt er aan en ik heb er zin in. Als ik moet lopen, breekt vast en zeker de zon door. Ik hoop wel op plassen regenwater. Niets zo lekker als het water in je loopschenen te voelen, helemaal een met de elementen.

Ik ga zo meteen mijn hardloopkleding uitzoeken. Het wordt een rood shirt en een donkerblauw broekje, natuurlijk met blote benen en korte mouwen. Kleine veiligheidsspeldjes zoeken voor het startnummer en uit de wasmand twee gelijksoortige witte sokken zien te vinden. Omdat ik niet koud wil worden tijdens het wachten op het startschot trek ik een oude sweater aan. Vlak voor de start gooi ik die in het startvak. De organisatie zorgt ervoor dat al die kleding naar het goede doel gaat. Als het regent trek ik ook nog een vuilniszak over me heen als alternatieve regenjas.

En dan lopen. Ik loop traditiegetrouw aan de westkant van de weg. Met een half oog op de weg, voortdurend speurend in het publiek naar bekenden. Want daar is het natuurlijk om te doen: laten zien dat je er loopt en dat het geen grootspraak is geweest dat je de vier mijl gaat lopen.

O ja, altijd handig. Mijn startnummer is: 11193.

Ik heb er zin in.